Parasja Shemini (“Achtste”) is het 26e gedeelte in de Torah en beschrijft de inwijding van de Tabernakel en de toetreding van Aäron en zijn zonen tot het priesterschap. Het beschrijft de tragische dood van Aärons zonen, Nadab en Abihu, omdat zij ongeoorloofd vuur brachten voor de Heer. Het gedeelte sluit af met spijswetten, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen reine en onreine dieren, en benadrukt de noodzaak voor heiligheid en reinheid onder de Israëlieten.
Schriftgedeelten
Torah: Leviticus 9:1-11:47
Haftarah: 2 Samuël 6:1-7:17
Artikelen
Nog geen artikelen voor deze parasja.
Audio
Shemini: Gods glorie verschijnt (Radio Israël, 25 april 2025)
Deze parasja laat twee uitersten zien: de glorie van de Eeuwige verschijnt aan het volk, maar ook het oordeel over Nadab en Abihu die vreemd vuur brengen. We staan stil bij Gods heiligheid en wat dat betekent voor de manier waarop wij Hem naderen. Ook het onderscheid tussen rein en onrein krijgt aandacht, omdat heiliging nodig is om dicht bij de Eeuwige te leven. In Jeshua zien we daarin ook de oproep om geheiligd te worden door Gods waarheid, midden in een onreine wereld.
Digital Humanities tools
Een (engelstalige) analyse van deze parasja met gebruik van digitale hulpmiddelen zoals SHEBANQ en Text-Fabric op basis van de Biblia Hebraica Stuttgartensia Amstelodamensis (BHSA)-dataset vindt u hier.

